Heemkundevereniging Schin op Geul

Foto Dorpskalender augustus 2024

en

12 februari 2026

In en rond Schin op Geul worden op diverse plekken loopgraven aangelegd. Dit was zwaar werk voor de gemobiliseerde soldaten;

Tijdens de mobilisatie moesten de gemobiliseerde soldaten of burgers soms zwaar werk verrichten door het graven van loopgraven of bij het aanbrengen van diverse versperringen. Ook werden er in ons dorp drie kazematten gebouwd hetgeen een zware klus was. Ondanks alle militaire inzet en de preventieve maatregelen kon niet worden voorkomen dat ons dorp na een dag strijd door de Duitsers bezet werd. Door al het oorlogsgeweld nam ook de onveiligheid toe. Vliegtuigen en raketten vanuit Duitsland vlogen op hun weg naar Engeland over Nederland en natuurlijk was later ook het omgekeerde het geval: bij de bombardementsvluchten van de geallieerden liep de route vaak over het zuiden van Limburg.
Voor de inwoners van ons dorp stond er opnieuw zwaar werk voor de boeg, namelijk het bouwen van schuilkelders. Sjeng van Weersch, Theo Salden sr. en Louis Pasmans herinneren zich nog goed de schuilkelder tegenover het café aan het Kerkplein (café van Weersch, thans Brasserie de Kleine Koning).

28 februari 1940: Koningin Wilhelmina op troepen-inspectie in Schin op Geul.

In 1943 werd een schuilkelder gegraven tegenover ons huis (het café). Mensen van de Staatsmijnen kwamen keuren of hij veilig was. Ook
leverden de Staatsmijnen de materialen om te stutten. Het graven van de schuilkelder was vrijwilligerswerk. Bijna iedereen van het buurtschap werkte er aan mee. De schuilkelder werd bij de kerk gemaakt, en wel onder het weiland naast de kerk dat nu in gebruik is als kerkhof. Er werd een doorlopende gang gemaakt met twee ingangen; een waar nu het kruisbeeld staat en de andere tegenover de kleine trap van Hotel Vinkenberg (thans Bistro bie Jeanneke). De schuilkelder werd vakkundig gestut door mijnwerkers en bood plaats aan honderd tot honderdvijftig personen. Als de sirene ging dan vluchten de mensen in de schuilkelder. De grond die bij het maken van de schuilkelder werd uitgegraven, werd met de kruiwagen naar de tuin van het Tolhuis aan de Geul gebracht. De schuilkelder was half rond en ongeveer twintig meter lang. Er was genoeg ruimte om een bank te maken aan een kant. Daarnaast konden de mensen lopen. Er was wel zoveel plaats dat pastoor Kurris daar in de gang een matras had liggen. Daarop lag hij en om de beurt zijn huishoudster Lena. Als WC hadden we een “kiebel” (ton) vlak bij de ingang. Dat stonk behoorlijk. Zeker als die leeg gemaakt moest worden. In de schuilkelder zaten vooral oude mannen, vrouwen en kinderen. De jongere mannen gingen het veld in om te kijken wat er gebeurde. In ons dorp werden meerdere schuilkelders gegraven of aangelegd, onder andere in de Graafstraat tegenover het huis van Sjir Straaten (thans pension Sint
Rosa), op de Koulen bij Kickken in het weiland onder de houtloods, in de berg langs de Gronseleput, in de berg bij het station en in Walem. Verder hadden ook enkele mensen hun eigen kelder gestut zodat deze ook enige veiligheid bood, tenminste hoopte men dat. In Strucht lag de schuilkelder langs de Provincialeweg tegenover het huis van Laval. In deze kelder, die in 1942 werd gebouwd, was plaats voor ongeveer honderdvijftig mensen. Voor die tijd praktisch bomveilig, zes meter onder de grond en goed gestut. Er was elektriciteit en een toilet. De gemeente en de buurt hadden deze schuilplek betaald. Als er bombardementen waren werd door de aanwezige mensen de
rozenkrans gebeden. De voorbidster zat dan in het midden. Meestal was dat mevrouw Knubben. Of dit bidden van de rozenkrans nu wel of niet geholpen heeft bij de veiligheid van onze dorpsbewoners, feit is dat ondanks de vele angstige momenten er bij bombardementen in ons dorp nooit ernstige schade is aangericht.

Geraadpleegde bronnen: Oorlogsherinneringen 1939 – 1945 – Heemkundevereniging Schin op Geul

Zijn er (oud)inwoners die nog informatie, foto’s of andere documentatie over de mobilisatie, oorlog of bevrijding hebben? Neem dan contact op met de Heemkundevereniging (vzt@heemkundesjin.nl of met John van Weersch 06-1890 2051).